De Boeken Die Met Me Meeliepen
- EDITAH.

- 1 aug
- 4 minuten om te lezen
Bijgewerkt op: 19 aug
Over lezen als gezelschap, niet als huiswerk
Er zijn nachten geweest waarin ik klaarwakker lag, te warm, te onrustig om weer in slaap te vallen, en waarin ik uiteindelijk niet naar mijn telefoon greep maar naar een boek naast mijn bed. Niet om iets te leren. Gewoon om even niet alleen te zijn met wat er in mijn hoofd omging. Dat is, denk ik achteraf, wat een goed boek in deze levensfase eigenlijk doet — het geeft geen antwoorden zoals een handleiding dat doet, het houdt je gezelschap zoals een vriendin dat zou doen, eentje die toevallig precies weet waar je doorheen gaat omdat ze het zelf ook heeft meegemaakt, of omdat ze er jarenlang onderzoek naar heeft gedaan, of allebei.
De overgang is niet alleen een lichamelijke verandering. Het is een periode waarin je jezelf soms opnieuw moet leren kennen, en dat is een eenzaam proces als je het alleen doet. Ik merk zelf dat het lezen van de juiste boeken me niet alleen nieuwe inzichten geeft, maar vooral een gevoel van verbondenheid — alsof er, ergens tussen de bladzijden, iemand tegen me zegt: dit is normaal, jij bent niet de enige, en er is een weg doorheen.
Wat ik heb geleerd door het ook mis te hebben
Ik heb boeken gekocht die me niets deden. Boeken vol adviezen die klonken alsof ze voor iemand anders geschreven waren, met een toon die eerder instrueerde dan begreep. Van die ervaringen heb ik geleerd waar ik nu op let, en het zijn geen technische criteria — het zijn gevoelsdingen.
Het belangrijkste is of de schrijver zelf kwetsbaar durft te zijn. Een boek dat alleen maar vertelt wat je moet doen, zonder ooit te laten zien dat de auteur zelf ook heeft getwijfeld, gevallen is, opnieuw is begonnen, voelt al snel als een preek in plaats van een gesprek. De boeken die me echt hebben geholpen, zijn de boeken waarin ik de mens achter de woorden kon voelen — iemand die niet doet alsof ze het allemaal al had uitgezocht voordat ze begon te schrijven.
Daarnaast let ik op of een boek me uitnodigt om zelf aan de slag te gaan, in plaats van me alleen maar informatie te geven om te onthouden. De boeken die iets veranderden, waren de boeken die me een vraag stelden en dan de ruimte lieten om er zelf, in mijn eigen tempo, een antwoord op te vinden. En ik let op de toon: voelt het warm en uitnodigend, of voelt het alsof ik moet voldoen aan weer een verwachting? Bij de boeken die ertoe deden, voelde het nooit als moeten. Het voelde als mogen.
Drie boeken die me op verschillende momenten hebben gedragen
De kracht van het nu van Eckhart Tolle was er op de dagen dat alles chaotisch aanvoelde — te veel gedachten, te veel zorgen over wat er nog moest gebeuren of wat er ooit is misgegaan. Het boek leerde me iets simpels dat toch moeilijk te beoefenen bleek: dat rust niet ergens verderop ligt, maar in het moment zelf, als je bereid bent er even in te blijven staan in plaats van eruit weg te rennen.
De overgang, van José Rozenbroek en Jos Teunis, was er op de dagen dat ik vooral iemand nodig had die het gewoon uitlegde — nuchter, met de nieuwste wetenschappelijke inzichten en tegelijk met persoonlijke verhalen die me lieten voelen dat ik niet raar was, alleen maar middenin iets zat dat de meeste vrouwen op enig moment doormaken. Soms is geruststelling het krachtigste wat een boek kan geven.
En De moed van imperfectie van Brené Brown was er op de dagen dat ik mezelf te streng behandelde. Dit boek leerde me dat kwetsbaarheid geen zwakte is, en dat het loslaten van de drang om perfect te zijn niet betekent dat je minder wordt — het betekent dat er eindelijk ruimte ontstaat voor wie je werkelijk bent, met alles erop en eraan.
Wat je ermee doet, is minstens zo belangrijk als wat je leest
Een boek dat ongelezen op je nachtkastje ligt, verandert niets. Wat wel werkt: aantekeningen maken bij de zinnen die je raken, ook al is het maar een streepje in de kantlijn. Een vast moment voor jezelf reserveren om te lezen, al is het maar tien minuten, zodat het een onderdeel van je ritme wordt in plaats van iets wat je erbij moet proppen. Erover praten met iemand — een vriendin, een leesclub, wie dan ook die bereid is mee te denken — want een inzicht dat je alleen voor jezelf houdt, beklijft minder dan een inzicht dat je hardop hebt gedeeld. En de oefeningen ook echt doen, ook als ze eenvoudig lijken, want de eenvoudige oefeningen zijn vaak precies de oefeningen die het meest onderschat worden.
En vergeef jezelf de dagen dat het niet lukt. Groei gaat, dat weet ik inmiddels uit ervaring, nooit in een rechte lijn.
Als je verder wilt zoeken
Ik deel mijn eigen leeslijst graag, met de boeken die mij door deze fase hebben gedragen en die ik het meest heb teruggepakt wanneer het zwaar werd. Neem gerust contact met me op als je daar nieuwsgierig naar bent — niet omdat ik denk dat mijn lijst de enige juiste is, maar omdat een goede aanbeveling van iemand die het zelf heeft doorleefd, net zo waardevol kan zijn als het boek zelf.
Welk boek je ook kiest: laat het geen verplichting worden. Laat het gezelschap zijn, op de avonden dat je dat het hardst nodig hebt.

Veel leesplezier en vooral: veel kracht en liefde voor jezelf!
Voel je vrij om je ervaringen te delen of vragen te stellen. Samen maken we deze reis een stukje mooier.

Opmerkingen